dinsdag 19 augustus 2025

Grand Tour 27 - Doesburg. Waarom Doesburg ?

19 augustus 2025, architectuur, musea en mosterd

Doesburg is in een aantal opzichten vergelijkbaar met Schoonhoven. Historische vestingstadjes aan een rivier (Lek en IJssel), Het aantal inwoners ontloopt elkaar niet veel, Schoonhoven heeft er 2000 meer. Beide plaatsen zijn niet met de trein te bereiken, alleen met een bus. Doesburg heeft ook een zilvermuseum, bovendien een mosterd- en het Laliquemuseum. Doesburg heeft meer monumenten (400 rijks- en gemeentelijk tegen 240 in Schoonhoven) en in beide plaatsen is het hele historische centrum beschermd stadsgezicht. Maar bij zilver denk ik aan Schoonhoven, bij glas aan Leerdam, bij mosterd aan Frankrijk of Groningen, en als het gaat om Hanzesteden denk ik eerst aan Zwolle, Deventer of Kampen. Speelt Doesburg dan altijd 2e viool? Dat ga ik vandaag uitzoeken.

 

Uit de aantallen bleek al dat Doesburg stikt van de monumenten, niet zozeer grote monumentale bouwwerken, maar meer kleine bijzondere woningbouw. Het lijkt er op dat vooral de gemeente scheutig is met het toekennen van de gemeentelijke monumentenstatus. Soms is bijna een hele straat, huisje na huisje voorzien van een schildje aan de gevel. Niet onterecht denk ik, het zijn ook inderdaad bijzondere pandjes, en je voorkomt dat dingen zo maar worden afgebroken of veranderd. 
Ik zie op de foto's pas goed wat een stralende dag het was.

 

Het is een tegenvaller dat het zilvermuseum niet bezocht kan worden. Het bevindt zich in een kerk en die is de hele dag gesloten vanwege een uitvaartdienst. Toch niet de hele dag? Toch wel, heel uitgebreid met orgelspel en samenzang, tot buiten de kerk te horen. Ik ben er later nog eens langsgelopen maar helaas.

Het Lalique Museum is wat eigenaardig, ik zou bijna zeggen onhandig van opzet want verdeeld over drie pandjes, tegenover en achter elkaar in dezelfde straat. Met smalle trapjes en gangetjes waar het onvermijdelijk is dat mensen elkaar in de weg lopen. Het oeuvre van Lalique bestaat uit twee los van elkaar staande collecties, n.l. juwelen en glaskunst, waarbij ik de juwelen veel interessanter vind dan glas. Maar ik wist niet dat er in zijn glaswerk zoveel symboliek verborgen zat. Ze hadden daar een heel leuk boekje over waarin je vaasje voor vaasje een uitleg vindt over de voorstelling en de betekenis daarachter. Dat is nog eens een meerwaarde bij wat je ziet.

 



Tevens in het Lalique Museum een uitgebreide expositie over Chagall. Bijna nog meer Chagall dan Lalique. Vrijwel alleen maar litho's, kleurenlitho's voor boeken e.d. Kleur is heel belangrijk in zijn werk en de titel van de tentoonstelling is dan ook 'Marc Chagall de kleurenpoëet'. Wel interessant maar ik begrijp het werk van Chagall niet zo. Ik kan me niet verplaatsen in de orthodox joodse voorstellingen. Ik ken de verhalen niet en hij heeft bijna overal een bedoeling mee, het is nooit zomaar alleen een mooi plaatje, het betekent altijd iets en dat ontgaat me.

Mosterdgeel

Al wandelend door de stad viel het me op dat er veel gele, donkergele kozijnen te zien zijn. En opeens wist ik het: dat is mosterdgeel, in verschillende smaken. Doesburg is een mosterdstad. Een bezoekje aan het mosterdmuseum kon daarom niet achterwege blijven. Het museum is naast een mosterdfabriekje, klein en volgestouwd met mosterdpotjes. Maar daarmee doe ik het te kort. Er wordt in een filmpje heel fijn uitgelegd hoe mosterd gemaakt wordt, eigenlijk supersimpel, Mosterdzaadjes fijnmalen en azijn er bij, en klaar. Hoewel. Alles volgens geheim recept. Mosterdzaad, uiteraard van de mosterdplant, wordt hier niet (meer) verbouwd maar komt allemaal uit Canada. Dan heb je gele zaadjes en bruine zaadjes die de scherpte bepalen in een geheime verhouding bij elkaar gedaan worden. Vermengd met een geheime hoeveelheid van een geheime soort azijn en verder is ook alles geheim. Het eindproduct gaat in een potje en dat is niet geheim want dat wordt verkocht. Ik heb uiteraard een potje Opregte Doesborghsche Mosterd gekocht om mee naar huis te nemen.

Als er één opvallende kleur is in een stad dan is er vaak ook nog een tweede kleur, en in Doesburg is dat naast het mosterdgeel het veel voorkomende blauw. Geen keihard architectenblauw maar blauw met een zekere dosis rood er in zodat het richting paars gaat, en dan in twee helderheden naast elkaar.

Verzameling

Mosterdpotjes worden verzameld. Zoals voor bijna alles wel verzamelaars te vinden zijn. Ik ben geen verzamelaar maar heb toch een collectie van 3 mosterdpotjes. Gevonden in de bossen in Frankrijk, in de loopgraven van de Eerste Wereldoorlog. Er is bijna niets meer te vinden want alles is intussen vergaan, maar glas en porselein vergaat niet dus dat kan je nog wel eens per ongeluk tegenkomen. Dit zijn Duitse mosterdpotjes, altijd dezelfde specifieke vorm zoals hier twee van de drie. De derde weet ik eigenlijk niet zeker of die ook voor mosterd is, kan ook marmelade zijn of iets anders. En een kapot mosterdpotje of drinkglas heeft voor mij een meerwaarde want dat heeft zichtbaar de oorlog meegemaakt.

 


Doesburg heeft zijn kroningsdeksel geplaatst op de Vischmarkt achter het oude stadhuis. Het ligt ook vlak voor streekmuseum De Roode Tooren. Je zou denken dat daar mensen zijn met enig historisch en cultureel besef. Maar toen ik zei dat ze een kroningsdeksel vlak voor de deur hadden (wat ze nog nooit hadden gezien) was de reactie "pff wat een geldverspilling", en daarmee was alles gezegd, het interesseerde ze geen bal.


Ik vond dit heel raadselachtig


 

 



donderdag 14 augustus 2025

Enschede - Roombeek - Grand Tour 26

Bezoek aan Enschede - 14 augustus

Ik dacht dat een dagje Enschede vooral zou gaan over het Rijksmuseum Twente, maar het grootste deel van de dag is opgegaan aan een bezoek aan de wijk Roombeek.

Roombeek

Roombeek is de wijk waar de vuurwerkramp heeft plaatsgevonden, nu precies 25 jaar geleden. De wijk is herbouwd uiteraard, en ik was benieuwd naar de architectuur. Dat had ik namelijk niet meer meegekregen. Wel wat er aan de wederopbouw voorafging. Ik heb destijds, in 2000 dus, een stedenbouwkundige blokjesmaquette gemaakt, waarop in een afwijkende kleur is aangegeven welk gebied getroffen was door de ramp. (waarom heb ik eigenlijk al die oude maquettefoto's bewaard? ze komen nu wel van pas).

Ik had me laten vertellen, of liever gezegd gelezen, dat de maquette nog bestaat (maquettes verdwijnen meestal in de container)  en wel in de collectie van De Museumfabriek, het tweede museum van Enschede ondergebracht in een verbouwde oude textielfabriek in de wijk Roombeek. Een museum met nogal slechte beoordelingen op internet dus ik was op het ergste voorbereid. Ik vond uiteindelijk dat het nogal meeviel, ik heb me best vermaakt daar, het is alleen niet meteen duidelijk waar het museum over gaat, het ene moment is het natuurhistorisch met opgezette dieren en skeletten, dan weer archeologie, dan gaat het weer over textiel en weefgetouwen, dan weer geschiedenis van Enschede en streekgeschiedenis. Dat komt omdat het een samenvoeging is van drie eerdere musea en ze hebben die collecties niet gescheiden gehouden maar door elkaar gehusseld.

Maar er zit ook wel humor in. Naast een wand met opgeprikte kevertjes zetten ze een Volkswagen kever. Dat is wel grappig toch? Maar het belangrijkste van alles, ik zag er onze eigen maquette terug. Een beetje vuil na 25 jaar en het fineer van de grondplaat is nogal verkleurd, donkerder geworden, maar verder nog in goede staat. De opdrachtgever voor ons was de ArchitectenCie met Pi de Bruin die als hoofdarchitect de wederopbouw van Roombeek heeft gecoordineerd.

 
 De maquette nu
 


Xylotheek van Lodewijk Napoleon 

Een van de leukste dingen in het museum vond ik de xylotheek van Lodewijk Napoleon. 
Definitie van Wikipedia:   
"Een xylotheek is een verzameling kistjes of doosjes in de vorm van een boek, met in elk kistje een beschrijving van de betreffende boom en wat gedroogde blaadjes, vruchten etc. Elk kistje is gemaakt van het hout van de betreffende boom en de rug van het kistje is beplakt met de schors van de boom."
En dat is dus precies wat het is. Deze xylotheek is gemaakt in opdracht van Lodewijk Napoleon voor de (nu niet meer bestaande) Gelderse Academie. Dus hij stond niet naast zijn bed.

 

Architectuur in Roombeek

 

Er zijn eigenlijk maar drie gebouwen die er uitspringen. Het hoogste gebouw in de wijk is woonblok Eekenhof van 9 verspringende verdiepingen met afgeronde vormen en ver uitspringende balkons. Ontworpen door architectenbureau Claus en Kaan, waar ik helaas niets positiefs over kan zeggen. Ze waren het enige bureau waar wij als maquettebouwers niet meer voor wilden werken. De stijl is volgens architectuurcritici een citaat van de Amsterdamse School architectuur van De Klerk. Citaat is architectentaal voor gepikt.


Tweede gebouwtje is gemaakt door Pi de Bruin zelf. Het is een waterzuiveringsgebouwtje met een voorgevel die als een schanskorf is gevuld met grote ruwe blokken glas. Eén van de grote stapstenen naar de gevel toe ging aan het kantelen toen ik er over heen liep waardoor ik nog bijna in die vijver kukelde. Het ging nog net goed. Minpuntje.

Derde gebouw aan het meest westelijke uiteinde van het plangebied is een gebouw dat de energieverzorging regelt voor de hele wijk genaamd 'De Stadshaard'. De afwerking van de gevels en de toren is geïnspireerd op Delfts blauw. Het gebouw is gemaakt door twee voor mij onbekende architecten van de ArchitectenCie. De geveldecoratie is van Hugo Kaagman (Dutch Street Art Pioneer noemt hij zichzelf).
Hele leuke website hierover:  http://www.kaagman.nl/index%20ce.htm
Overigens is De Stadshaard in 2010 bij een enquete verkozen tot lelijkste gebouw van Nederland. Waarom? Ik vind het wel mooi.

Woningbouw anno nu

De woningbouw is nergens zo makkelijk te duiden als hier want alles wat je ziet is van na 2000. Of van na 2004 ongeveer omdat er meestal vier jaar aan plannenmakerij en vergunningen aan de bouw vooraf gaat. 
Je kan wel duidelijk onderscheid zien tussen woningbouw eerste kwart van deze eeuw en het laatste kwart van de vorige eeuw. Er wordt nu weer meer gespeeld met vormen en kleuren in baksteenbouw. Geen eenkleurige vlakke gevels maar werken met reliëf, patronen, perforaties, kleurwisselingen, aparte gevelindelingen. Architecten spreken zelf graag van "verbijzonderingen". Wat een rotwoord eigenlijk, is er niets beters? Langs de museumlaan zijn stadsvilla's gebouwd door een hele reeks bekende en minder bekende architecten.

Natuurlijk heeft de vuurwerkramp een monument. Het is de betonnen funderingsplaat van het bedrijf waar het vuurwerk ontploft is. Ik kon het monument eerst niet vinden maar het is ook nogal plat, je kijkt er zo overheen. Beetje mager als monument. Bij de Bijlmerramp hebben ze tenminste iets gemaakt waar de bewoners zelf iets aan hebben bijgedragen.

Monument ?
 

Op het eind van de dag toch nog even binnengegaan bij Rijksmuseum Twente en als een Japanner door de zalen gesneld. Even vertraagd bij het zilverwerk, bij de werken in kwabstijl van Van Vianen.


 
 kleurincident
 
 Ook dit is Enschede
 

 
 

zondag 10 augustus 2025

Grand Tour 25 - Steendrukmuseum Valkenswaard

Steendrukmuseum Valkenswaard op zondag 10 augustus 2025

Er is vandaag maar één doel en dat is het steendrukmuseum. Wat zou je anders moeten in Valkenswaard. Het hing nog even aan een zijden draadje of ik er wel zou kunnen komen want er reden geen treinen naar Eindhoven vanwege een defect spoor. Maar na een uur op Utrecht Centraal verscheen er op de borden toch een enkele trein die kant op. Die trein moest helaas de mensenmassa van drie uitgevallen treinen verstouwen dus dat was geen pretje. Een uur later dan gedacht dan toch op weg naar Valkenswaard.

 

Het steendrukmuseum is echt een museum naar mijn hart. Een specialiteitenmuseum pur sang. Ik ben heel veel te weten gekomen maar er zijn ook weer vragen opgekomen die onbeantwoord zijn gebleven.

Er is me duidelijk geworden dat veel meer mogelijk was met steendruk dan ik gedacht had. Dat maakt het herkennen van een steendruk en het onderscheiden van andere druktechnieken er niet makkelijker op. Een belangrijk criterium is wel dat steendruk een dode techniek is, althans commercieel gezien dan. Het wordt alleen nog gedaan door kunstenaars en hobbyisten die het leuk vinden om met een oude techniek te werken. Na de opkomst van offset druk was het gedaan met de steendruk. (vanaf 1900 ongeveer). Bij het museum willen ze doen geloven dat offset eigenlijk een verbeterde vorm van steendruk is maar dat gaat mij een beetje te ver.

Chromolithografie


Het is fantastisch wat een mooie resultaten er mogelijk waren met steendruk in kleur. Maar hoe ingewikkeld en omslachtig! Zie hierboven een plaatje met het aantal drukgangen en het eindresultaat voor een etiket op een sigarenkistje. Het zijn 9 drukgangen en een aantal tussentijdse combinaties. De laatste gangen zijn goud en een preeg van de goudvorm.

 

Onder deze afbeelding staat een strookje met een rij kleurtjes. Dat zijn alle drukgangen die nodig geweest zijn om dit te drukken. De kleurscheidingen werden met de hand gemaakt. Het zijn rasters maar dan wel rasters waarvan de rasterpunten met de hand zijn gezet. Mensen waren dagenlang aan het stippelen. En ze moesten in hun hoofd al een beeld hebben van het eindresultaat. En dan ook nog in spiegelbeeld.

 


Blikbedrukking

Ik heb me altijd al afgevraagd hoe ze blikjes bedrukken met fullcolor voorstellingen. Nu weet ik het dus eindelijk. De basis is steendruk. Maar omdat de steen niet rechtstreeks op het blik kan drukken wordt een tussenvorm van rubberdoek op een cilinder gebruikt die de inkt overzet. Ik kan me er wel iets bij voorstellen maar dat rubber was dus in de tentoonstelling niet te zien en hoe registeren ze dat dan zodat alle kleuren precies passend gedrukt worden. Bij elk antwoord komt weer een nieuwe vraag op.

Fotolithografie

Over fotolithografie wordt niet zo veel verteld. Wel wat basisdingen, maar niet echt in detail. Er staat een UV belichtingsapparaat en een hele grote houten reprocamera. Het fotografiedeel is nagenoeg hetzelfde als de voorbereiding voor de zeefdruk, wat ik zelf tien jaar heb gedaan. Maar ik had graag geweten hoe ze de steen lichtgevoelig maken en met welke materialen en hoe dat wordt ontwikkeld of uitgespoeld en hoe ze dan de inkt opbrengen.

 

Grappig toeval. Titelpagina van een boek gedrukt met steendruk. Het heeft verder niets met steendruk te maken maar het boek is Assepoester van J.P. Heije. Deze Jan Pieter Heije was directeur van het Prinsengrachtziekenhuis in Amsterdam, maar ook schrijver van kinderverhalen, sprookjes en sinterklaasliedjes. 'Zie de maan schijn door de bomen' is van hem. Dat zoek je niet achter een ziekenhuisdirecteur. Hij maakte deel uit van een pop-up tentoonstelling die ik bij het FNI maakte bij de sluiting van het Prinsengrachtziekenhuis.

Atelier

Bij het museum is een atelier waar vrijwilligers kunstdrukken maken, en waar demonstraties en workshops gegeven worden. Workshops duren een groot deel van een dag voor groepen max 6 personen.

 

Een voorraadje stenen in het atelier

  

Het kroningsdeksel in Valkenswaard ligt op het centrale plein, dat hier markt heet. Die mensen op de terrassen aan de overkant hebben geen idee van wat zich in hun nabijheid afspeelt.. 

 

 

donderdag 7 augustus 2025

Nijmegen, over fietsen, buitenkunst en architectuur - Grand Tour deel 24

Nijmegen 7-8-2025

Bij Nijmegen denk je wel aan wandelen maar niet meteen aan fietsen. Toch is er een fietsenmuseum en dat is best aardig. Het Velorama zoals het heet, is waarschijnlijk (ik heb het niet nagevraagd) ontstaan vanuit een privéverzameling. Het bestaat nog niet zo lang, ingericht in coronatijd, en de beeldschermen hangen er nog maar een paar weken. Het heeft ook geen officiële museumstatus. Wat is er te zien? Drie verdiepingen volgestouwd met historische fietsen, van de eerste houten loopfiets tot modellen uit de jaren 50. Eindeloos veel modellen, systemen, constructies en uitvindingen. Met twee wielen, drie wielen, vier wielen. Met en zonder trappers en kettingen. Alles in top conditie. Wat is er toch allemaal bedacht in een vrij korte periode van de geschiedenis en wat waren er veel fabrikanten waar je nu niets meer van hoort.
Ik weet niet hoeveel er staan, honderden, (navraag leverde als antwoord dat er nog meer in opslag zijn) maar het komt me zo voor dat ze nu al te klein behuisd zijn. Verrassend en zeker een bezoekje waard, zeker als je van rare technische constructies houdt.

 


Vlakbij is de Bastei. Ook een museum, in een deel van de oude vestingwerken die iets te maken hebben met het Valkhof. Het museum is voor een deel in de vestingwerken tussen oude muurresten en in catacomben, maar ook hogere verdiepingen die meer lijken op gewone museumzalen. Gangetjes, trapjes, op- en afstapjes, ik zou er niet heen gaan met iemand die slecht ter been is. Veel te zien over de geschiedenis van Nijmegen, de Romeinen, archeologische vondsten, over de rivier de Waal, over flora en fauna.

 


Architectuur en buitenkunst.

 
Ik heb opvallend veel zandstenen beelden en muur-reliëfs gezien. Dat begint al meteen bij het station. Na het station ben ik naar rechts, d.w.z. naar het zuiden gelopen. Een richting die van het centrum af gaat, dus waar alleen mensen naar toe gaan die er wonen of die er echt iets te zoeken hebben. Daar is een wijk met mooie baksteenarchitectuur. Gevels met versieringen en speelse omgang met verschillend gekleurde stenen. Alles begin 20e eeuw. Maar in Nijmegen is zowel de oude als ook de nieuwe architectuur interessant. Er is een Nijmeegs Architectuurcentrum met publicaties van vier routes langs moderne architectuur (zelf noemen ze dat hun vierdaagse van Nijmegen) en een route langs wederopbouwarchitectuur. Die routekaarten heb ik nog niet kunnen bemachtigen, de VVV heeft ze niet en het architectuurcentrum zelf ligt ver buiten het centrum. De kaarten zijn daar gratis af te halen. Daar zou je met een stadsbus naar toe moeten maar dat heb ik nu niet gedaan. Dus dat is voor een andere keer. 
Muurschilderingen zijn er ook en ook daar is weer een routekaart van gemaakt. Ze hebben hier een voorliefde voor schilderingen in poortjes zo lijkt het. Ook dat is weer iets om een volgende keer verder te onderzoeken.

 



Nijmegen is groot en er is veel te zien en te doen, teveel voor één dag, dus ik besef dat dit niet meer dan een eerste indruk is. Ik ben bijvoorbeeld nog niet eens toegekomen aan Museum het Valkhof, dat nu Valkhof Museum heet, en op een tijdelijke locatie gehuisvest is omdat de eigen locatie verbouwd wordt. Dat gebouw is een megalomaan bouwwerk aan de kop van een plein, naast de historische Valkhof. Het is twintig jaar geleden gebouwd door Ben van Berkel en de verbouwing gebeurt ook weer door hem. Van Berkel behoort niet tot mijn favoriete architecten zoals intussen wel bekend is (zie post over Arnhem). Ik denk over dit gebouw dat hij er niet langer dan een half uur aan ontworpen heeft. Een rechthoekige doos heb je al met twaalf rechte lijnen. Meer ga ik er niet over zeggen.

Toen ik voor het Openluchtmuseum in Arnhem werkte had ik enkele collega's die bij museum het Valkhof gewerkt hadden, of daar nog steeds iets deden. Het ging alleen maar over de wantoestanden die daar toen heersten, de onenigheid tussen medewerkers, de ruzies, een komen en gaan van directeuren. Een citaat uit een persbericht uit die tijd: "Het Valkhof behoorde tot 2013 tot de succesvolste musea van Nederland. Vanaf dat jaar kreeg het museum te maken met zware bezuinigingen, terwijl binnenshuis een organisatorische en financiële wanorde ontstond."
De gemeente Nijmegen en de provincie Gelderland pompen er weer miljoenen in. 

Parallel hieraan, met nog meer miljoenen, ontstaat nu dan ook eindelijk een nieuw depot voor archeologische vondsten. Eerst hadden de stad Nijmegen en de provincie Gelderland elk een eigen depot, dat wordt nu samengevoegd. Daar was al sprake van toen ik jaren geleden een sollicitatie deed bij het depot van de stad. Dat was één grote miscommunicatie. De twee medewerkers waar ik het sollicitatiegesprek mee had dachten aan een registrator voor archeologische vondsten, maar ze werden teruggefloten door de directie die dacht aan iemand die in een bestelbusje de stad door reed om vondsten op te halen om ze daarna uit te stallen op een tafel zodat een conservator er naar kon kijken. Dat was voor mij een verrassing en ik zag mezelf niet rondrijden in een busje. Daar hoef je ook geen procedure voort te houden, zo iemand kan je gewoon van straat plukken. Maar goed, het gaf mij toen die dag wel de gelegenheid om dat depot van binnen te zien en dat was imposant. Een grote hal, vergelijkbaar met een grote vestiging van Gamma, met stellingen die van vloer tot plafond vol staan met plastic Curver kratjes waar in plastic zakjes alle potscherven, stenen, metaaldelen, enz. in zaten. Soms een plakkertje er op met de vindplaats, maar grotendeels ongeregistreerd.

Waar ik vandaag ook niet ben geweest is het Maelwael van Lymborch huis. Dat is op donderdagen niet open, dat wist ik wel. Maar ik ga volgende keer zeker de rondleiding doen.

 

 
De muurschildering rechts vertelt het levensverhaal van keizerin Theophanu. Ze kwam uit Byzantium en is doodgegaan in Nijmegen. Voor mij een onbekend historisch figuur, maar niet onbelangrijk want ze heeft Sint Nicolaas meegebracht naar Nederland. De maakster van de muurschildering heeft ook een boekje geschreven over haar: "Theophanu, prinses uit het Oosten, keizerin van het Westen", door Mariëtte Verhoeven.
 

 


zondag 3 augustus 2025

Deventer boekenmarkt - 3 augustus 2025

Deventer - boekenmarkt eerste zondag van augustus 

Boekenwurmen zijn soms zonderlinge figuren, maar ongevaarlijk. Ik herinner me een vorige editie van de boekenmarkt waar iemand met een heel groot vergrootglas, als een echte Sherlock Holmes, alle stands afliep. Hij bleef dan op een meter afstand midden voor de kraam op één punt staan en speurde door zijn vergrootglas het hele uitgestalde assortiment af. Of de man die bij elke kraam dezelfde vraag stelde: "Heeft u iets over bijen? Nee?"en ging dan weer door naar de volgende: "Heeft u iets over bijen". En zo de hele boekenmarkt af. Hoewel het zeker tien jaar geleden is moest ik toch meteen aan die man denken toen ik bij een van de eerste kramen al boeken over bijen zag. Maar ja, nu was die man er natuurlijk niet, misschien leeft hij niet eens meer, en ik heb niets met bijen.

Er is over elke niche wel een boek gemaakt, "heeft u iets over golf?", "heeft u iets over broodbakken?". Mijn ervaring is dat je beter niet naar een boekenmarkt kan gaan met een specifieke zoekvraag. De kans dat je dat vindt is vrijwel nul. Het is veel leuker om je te laten verrassen door onverwachte vondsten, dingen waarvan je het bestaan niet wist.

 

Het was heel erg druk. Mooi weer, dat helpt altijd. Volgens de standhouders was het in jaren niet zo druk geweest. Nadeel natuurlijk dat het soms wat dringen is. Maar gelukkig vooral bij kramen die ik kon overslaan, met strips, kinderboeken, fantasy of thrillers. 

Ik had me voorgenomen om heel terughoudend te zijn en alleen iets te kopen als het heel bijzonder was. Maar dan moet je eigenlijk helemaal niet naar zo'n markt gaan, met kilometers aan boekenkraampjes (6 kilometer met 875 kramen volgens de organisatie). Ter verdediging kan ik zeggen dat ik vooral boeken heb gekocht die niet in de kast komen maar die ik uit elkaar haal om te digitaliseren. Een boek over kleur heb ik gratis meegekregen omdat de voorste pagina los was. "Ik verkoop geen kapotte boeken. Neem maar mee".

Het is soms ook wel een beetje een kermis. Er was een draaimolen waar je liggend in een hangmat rondjes kan draaien. Ik heb niet helemaal begrepen wat hier de grap van is. Je zou tegelijk een boek kunnen lezen maar ik heb niemand gezien die dat deed.
 



 

dinsdag 29 juli 2025

Grand Tour deel 23 - Assen - Hollandse architectuur

Assen op dinsdag 29 juli 2025

Architectuurliefhebbers kunnen hun hart ophalen in Assen, aan Hollandse bouwstijlen van eind 19e en begin 20e eeuw. Straat na straat fraaie gevels, herenhuizen, villa's. De bevolking moet rijk geweest zijn of is dat misschien nog wel. Veel eclectische bouw, met profiellijsten boven de ramen met voorgevormd stucwerk. Ook aardig wat panden met art-nouveau decoraties. Baksteenarchitectuur van eerste helft 20e eeuw. Eigenlijk een hele staalkaart van wat Nederland heeft voortgebracht. En architectuur zien betekent lopen, veel lopen.

 




Assen heeft een Bommel en Tom Poes museum. Dat was een verrassing maar helaas was het gesloten. Anders was ik er zeker binnengegaan, ik was altijd liefhebber van die strip, trouwens van alles van Marten Toonder. Ik hoop dat het blijft bestaan, het Hans G. Kresse museum is ook al ter ziele. Echte oude Hollandse helden.

 

Het kroningsdeksel heeft in Assen een waardige plek gekregen, op het plein voor het Drostenhuis.
 

 

Drents Museum

In het Drents Museum heb ik veel mooie dingen gezien maar ik heb niets begrepen van de opzet en de bedoelingen van het museum. Niets begrepen van de routes, van de benamingen van zalen en tentoonstellingen (Labyrinthia wat bedoelen ze er mee?), niets begrepen van de plattegrond. Ik heb me ook gestoord aan de geluidsbanden met hoorspel-achtige scenes in elke ruimte. Storend hard en alles door elkaar. Het is allemaal een beetje ver doorgeslagen en dat gaat ten koste van de beleving. Ik kan gerust zeggen dat ik geen aangenaam bezoek heb gebracht. Ik zou er graag de bezem doorhalen en alle overbodige rommel de deur uit vegen. Een expositie hedendaagse figuratieve kunst was prachtig. De titel GenF, waar slaat dat op? Dat zou dan een toonaangevend museum zijn maar ik denk dat de verkeerde mensen daar bezig zijn. Aan de collectie ligt het niet.

 




Bartje

Wie Assen zegt, zegt Bartje, althans een halve eeuw geleden. Hoe het nu met Bartje gaat in Assen weet ik niet precies maar hij is niet helemaal vergeten. Een beeld van Bartje staat in het groenperkje bij het Drents Archief, het originele beeld zou binnen in het archief moeten staan, maar dat heb ik niet gecontroleerd. Het beeld is gemaakt door beeldhouwster Suze Berkhout. Bartje heeft al veel moeten doorstaan. Het beeld had een vaste standplaats in Assen tot het werd gestolen, later teruggevonden  in Groningen. Toen van zijn sokkel gestoten waardoor beide beentjes braken. Later zijn rechtszaken gevoerd over de vervaardiging en verkoop van kleine kopieën van het beeldje in souvenirwinkels. De rechten op vervaardiging waren door de beeldhouwster exclusief gegund aan de plateelbakkerij Schoonhoven, en alle kopieën kregen een rechtszaak aan de broek. In kranten werd regelmatig verslag gedaan van de "zaak Bartje". Er bestonden zelfs in de Filipijnen vervaardigde houtsnijwerk versies waarbij Bartje opeens een Aziatisch uiterlijk had gekregen en hij had ook geen klompjes meer maar een ander soort vierkantig schoeisel. Intussen, zoveel jaren later, zijn er talloze versies van Bartje die niet allemaal even goed lijken op het originele beeld. Er is zelfs een reuzen-Bartje van kunststof. En dat bronzen ding in de tuin bij het archief lijkt ook nergens op.

 

Voor wie echt helemaal niet weet wie Bartje is. Bartje was een Drents boerenjongetje dat niet voor bruine bonen wilde bidden. Het ventje was het geesteskind van schrijver Anne de Vries, later verfilmd tot televisieserie waar heel Nederland voor thuisbleef. In veel Nederlandse huiskamers stond een wit geglazuurd of een terracotta beeldje van Bartje. Bij ons thuis dus ook (waar is dat ding gebleven?). De beeldjes werden in opdracht vervaardigd door de plateelfabriek in Schoonhoven, de voormalige fabriek naast mijn huis die enkele jaren geleden omgebouwd is naar woningen en appartementen. Bij het leeghalen van de fabriek zijn alle gipsen mallen, duizenden en duizenden, in de container gegooid en afgevoerd. Ik heb zeker 40 van zulke volle containers weg zien gaan. Het museum in Gouda wilde ze niet hebben. Het was de hele geschiedenis van de fabriek die zo de containers in ging want ze hadden alles bewaard, stellingen vol. Waarschijnlijk is Bartje ook zo aan zijn einde gekomen.