dinsdag 5 oktober 2010

Onbekende foto's ontrafeld


Bij het Legermuseum kwamen nog niet zo lang geleden een aantal foto's tevoorschijn van militairen die werkzaamheden uitvoeren in een ondergrondse steengroeve. De bundel waar ze deel van uitmaakten was gemarkeerd als "Eerste Wereldoorlog", en er was voorlopig geen reden om daar aan te twijfelen, hoewel in een tweede bundel met hetzelfde opschrift ook Duitse luchtfoto's voorkwamen van de Maginotlinie, dus enige voorzichtigheid was wel geboden.
Bij de uitgangspunten Eerste Wereldoorlog en steengroeve is de associatie met Frankrijk snel gemaakt. In het stroomgebied van de rivieren de Oise en de Aisne wemelt het van de oude steengroeves in de krijtbodem. Van de groeves die vlak bij de frontlijn lagen is door de soldaten zeer veel gebruik gemaakt als schuilplaats, en op tal van plaatsen zijn daar nu de sporen nog van terug te vinden.
Steengroeves die dicht bij de frontlijn lagen werden soms gebruikt als vertrekpunt voor het graven van tunnels naar de vijand om ze te lijf te gaan met mijnenoorlog. Het was goed mogelijk dat de foto's iets in deze richting lieten zien. Ik ging er dus meteen van uit dat het foto's waren in een Franse steengroeve. Eerste vraag die bij me opkwam was de nationaliteit van de militairen op de foto's. Behalve Duitsers en Fransen hebben er ook Belgen, Engelsen, Russen en Amerikanen onder de grond gezeten in deze frontsector. De activiteiten waren ook niet meteen duidelijk. Een aantal soldaten is bezig met het boren van een gat in het plafond. Het type boormachine kende ik uit de voorschriften van de Franse Ecole des Mines. Maar wat had de militair met pet voor een apparaat in zijn handen en wat was de soldaat aan het doen met die lange stok in zijn linkerhand?
Ik besloot de foto's te scannen en ze te sturen aan een aantal bekenden waarvan ik wist dat ze thuis waren in de materie en die misschien iets meer zouden kunnen zeggen over de nationaliteit van de soldaten, de activiteiten die ze uitvoeren en over de locatie. Ik stuurde ze naar mensen in België, Frankrijk en Nederland, en die stuurden ze op hun beurt ook weer door. De vragen verschenen op forums op internet en ik had het idee dat binnen korte tijd de halve wereld er mee bezig was.
Ik kreeg de meest uiteenlopende antwoorden. Dat was verontrustend want dan ben je nog steeds nergens zeker van. Toch is er een (meest waarschijnlijke) oplossing uit de bus gekomen, en de credits voor ontrafeling komen toe aan Cees Spanjer, zelf ooit mineur bij de genie.
De verklaring lag veel dichter bij huis dan ik aanvankelijk dacht. Ik toon hier drie van de foto's en een detail uit de eerste. De totale serie is groter maar dit zijn de meest aansprekende scènes.

Het is een serie foto's van Nederlandse genisten (sappeurs/mineurs) uit de periode 1914-1918 bij een oefening in een mergelgroeve in Zuid-Limburg. De foto's lijken geposeerd om te dienen als instructiefoto's.
Op de eerste foto (aan het begin van dit artikel) zijn twee soldaten bezig met het boren van een gat in het plafond. De boorkop aan het uiteinde van de stang is niet te zien want die bevindt zich in het gesteente. De boordiameter kan veel groter zijn dan de dikte van de stang. De draaibeweging van de boor wordt verkregen door het bedienen van de zijstangen waar een ratelmechanisme in zit. De (sergeant? korporaal?) links heeft in zijn handen een antenne van een afluisterapparaat, een zogenaamde geophone, die in het boorgat gestoken kan worden. Het apparaat dient voor afluisteren van de vijand die boven de grond kan zitten of in de nabijheid aan het graven is. Aan de verlichting rechts en de sterke slagschaduwen is te zien dat er lampen op staan voor de uitlichting van de scene. Ook valt er achter de mannen daglicht naar binnen. Daaruit kunnen we opmaken dat het geen werkelijke frontsituatie is.


Op deze tweede foto zijn soldaten bezig met het boren van een gat in het plafond. Op de grond en op de voet van de boor ligt boorgruis afkomstig uit het gat daarboven. Een doek zit om het mechanisme van de boor gewikkeld om het te beschermen tegen boorgruis.

De derde foto toont een soldaat die bezig is met het aanbrengen en aanduwen van een kleine springlading ("petard" in het Frans) in een boorgat.
Er zijn twee maal vier boorgaten te zien. Vier op rij boven de grafitti links, en vier op een rij bovenaan waar de soldaat in het laatste gat bezig is. Het voorlaatste gat lijkt uitgebroken te zijn.
De grafitti linksonder vermeldt:
W v Halm
Korpr der Genie
Daarboven:
W v H (dezelfde persoon dus)


Uiteindelijk speelt het zich dus helemaal niet af in Frankrijk maar gewoon in Nederland en met Nederlandse militairen. Ik had dus net zo goed mijn zoektocht in het Legermuseum kunnen beginnen want alle expertise is daar waarschijnlijk aanwezig. Het kan zijn dat ik er met de nu gevormde oplossing nog helemaal naast zit, of dat er op z'n minst correcties aangebracht moeten worden. Ik hoor het dan ook graag als iemand er meer over kan vertellen.

In de fotoserie zaten ook enkele opnames van een ontstekingskastje. In de Franse instructieboekjes staan dergelijke kastjes opengewerkt afgebeeld. Het principe is dat van een dynamo. Door te draaien aan een sleutel wordt een stroompje opgewekt. (In Amerikaanse films is het altijd een model waar een fietspomp-achtige beweging wordt uitgevoerd). Het kastje zit door middel van electrische leidingen verbonden met de ontsteker van de springlading. De kleine springladingen zoals op deze foto's waren bedoeld om zich een weg te banen door het gesteente. Grote springladingen van vele kisten vol met explosieven waren om de tegenstander in de lucht te laten vliegen, zoals in het volgende 12 seconden durende filmpje van een mijnexplosie op 1 juli 1916.
(Voor de liefhebbers: Hawthorn Crater, gefilmd door Geoffrey Malins, misschien wel het meest getoonde stukje uit zijn film The Battle of the Somme.)



Aris de Bruijn
The Legermuseum Archives

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen