zondag 1 augustus 2010

Einde oefening voor de AT-12


Omdat ik onlangs via Facebook een oude dienstkameraad heb teruggevonden, die ik al 30 jaar niet meer gezien of gesproken had, hier een herinnering uit mijn eigen glorieuze militaire verleden, als dienstplichtige lichting 80-3. Eén van de hoogtepunten was ongetwijfeld de oefening Vogelsang in Duitsland. Over de Ordensburg Vogelsang waar we toen zaten, zal ik later bij gelegenheid nog wel iets schrijven, maar nu gaat het vooral over de oefening zelf, of liever de afloop daarvan. Het was hartje winter, 1980-81, in de Eifel in Duitsland. We hadden een oefening van een paar weken achter de rug op het oefenterrein bij Camp Vogelsang. Veel Nederlandse ex-militairen zullen het kennen.
Het sein werd gegeven dat de oefening afgelopen was en dat betekende voor onze compagnie dat de AMX-en koers moesten zetten in de richting van de trein in Schleiden. Het was vrijdagmiddag, iedereen was moe na een paar weken ploeteren en koukleumen en verlangde naar het weekend thuis. Snel de trein beladen, coupe opzoeken en pitten op weg naar huis. Dat was het scenario. Maar precies bij het sein einde oefening begaf "my little tank" het. De motor stopte en er was geen beweging meer in te krijgen. We stonden ergens op een besneeuwde bergweg hoog in de Eifel. De compagniescommandant gaf opdracht zo lang mogelijk radiocontact te houden. Hijzelf vertrok met de rest van de compagnie in de richting van de trein en wij bleven alleen achter. Dat wil zeggen, mijn chauffeur en ik, want mijn tankcommandant was beroeps en die had al lang ander vervoer geregeld. Al snel was de compagnie buiten het bereik van mijn radio.

De Technische Dienst kwam en begon driftig te sleutelen maar slaagde er ook niet in om de motor weer tot leven te wekken. Er zat nog maar één ding op en dat was de bergingstank er voor zetten en met een triangel ertussen de zaak op sleep te nemen. De chauffeur van de bergingstank, Appie, was een prima vent, eersteklas monteur, niets op aan te merken, maar was vastbesloten om de trein te halen. Dus wij met deze onmogelijk logge en starre combinatie als een gek over de bochtige, besneeuwde bergwegen. Onderweg doodsangsten uitgestaan maar alles ging goed, Schleiden kwam in zicht en tot onze opluchting stond de trein er nog. Appie gaf een laatste dot gas en draaide de oprit naar het laadperron op en ... de hele handel ging op de spekgladde oprit aan het schuiven. De combinatie schoof van de weg af, op de zijkant het taluud af. Daar ging onze hoop om voor het weekend thuis te zijn. Zo'n tank mag er dan heel robuust en massief uit zien, dit soort grappen kunnen ze niet tegen. Alle torsiestaven van de loopwielen ontzet.

We hebben in het hotel tegenover de spoorbaan een kop koffie gedronken om bij te komen van de schrik. We hebben er ook overnacht. De volgende dag kwamen er twee enorme grote kraanwagens uit Aken om de tanks op te hijsen en op een stel diepladers te zetten voor het transport terug naar Nederland.
De majoor was aan de ene kant niet blij met de affaire, maar aan de andere kant vond hij het geloof ik ook wel spannend dat dit in zijn compagnie gebeurde. Hij heeft de hele bergingsoperatie en het ophijsen van de tanks gefilmd, met zijn super 8. Later heeft hij op de kazerne voor de verzamelde compagnie zijn film vertoond. Dat was ook nog een belevenis op zich. De hele bergingsoperatie duurde uren en hij had niet continu doorgefilmd. Je zag af en toe een stukje. Dus je zag het begin van het ophijsen, en op het volgende beeld hingen er opeens twee tanks hoog in de lucht te bungelen, alsof ze niks wogen. De hele compagnie lag natuurlijk dubbel van het lachen om deze slapstick. Dat kon de majoor dan weer wat minder waarderen.

Het mankement aan mijn tank, waarmee alles begonnen was, bleek later een verstopte benzinetank te zijn geweest. Op zich niet zo erg want het ding heeft twee benzinetanks, dus als er een leeg is of een leiding verstopt, dan kun je altijd nog verder op de tweede. Maar de andere benzineleiding was al veel eerder verstopt geraakt en mijn chauffeur vond dat wel handig want dan hoefde hij tijdens oefeningen maar één tank bij te vullen met jerrycans in plaats van twee. Dus hij had dat nooit laten repareren.
Toch al een brokkenpiloot deze chauffeur want hij had in Sennelager eens een toolkit van de technische dienst geramd waardoor alle schroefjes en moertjes door het voertuig gevlogen waren. Het kostte ons bovendien een spatbord, en dat had weer tot gevolg dat tijdens het rijden door het terrein de klei tot over de hele tank heen vloog, inclusief bij ons in onze nek. En de techneut die daarna tevergeefs probeerde het spatbord er weer aan te lassen was zo dronken dat hij het achterlicht wegsmolt met zijn vlam, en toen hadden we ook geen achterlicht meer. Ziehier, het Nederlandse leger in de bocht.

Ik bezit een paar wazige foto's van de gecrashte tanks, ik weet niet meer wie ze gemaakt heeft, misschien de chauffeur van de majoor. Ik ben in 2007 nog een keer teruggeweest naar de plek van het ongeluk. Camp Vogelsang is afgeschaft als militair terrein en nu een natuurgebied, open voor het publiek. Het laadperron in Schleiden is er nog maar wordt niet meer gebruikt, de rails is overwoekerd. Hotel Huddelbusch ook nog. Het taluud is er niet meer. Het terrein is uitgevlakt en er staat een garagebedrijf met een autowasserette waar vroeger alleen weiland was. Ik heb geprobeerd een paar vergelijkingsfoto's te maken maar dat ging eigenlijk niet vanwege die autokermis.




Aris de Bruijn
The Legermuseum Archives

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen