maandag 28 juni 2010

Veteranendag 2010


Afgelopen zaterdag was het weer veteranendag. Ik mocht de eer van het Legermuseum verdedigen in de museumtent waar de temperatuur tot Afghaanse hoogte steeg. Ik was nog nooit op een veteranendag geweest en was toch enigszins verrast door de omvang van het evenement. Het in goede banen leiden van zo'n feestje voor 70.000 mensen kun je wel aan het leger overlaten. Alles liep gesmeerd volgens mij. Naast een spektakel met eten, drinken en muziek waren er ook kleine aangrijpende momenten. In de stand stond op een bepaald moment een vrouw met tranen in de ogen te kijken naar een foto in een boek. "Mijn broer is op dit schip meegevaren" zei ze. Misschien was hij niet meer teruggekomen.
Een ander, een man met een duidelijk niet-Nederlandse achtergrond en nog niet erg oud, begon geëmotioneerd te vertellen dat hij jarenlang zo fantastisch voor een of andere defensiestaf in Den Haag had gewerkt, waar hij van iedereen zoveel waardering had gekregen, van hoog tot laag, en dat iedereen zo aardig was geweest. Hij kreeg nog steeds kippevel als hij er aan terugdacht. Wat deed hij dan precies? Hij was helemaal alleen verantwoordelijk voor het onderhoud van een marmeren vloer in het gebouw. Zoiets verzin je niet en zoiets verwacht je niet, zo'n verhaal. De partner van deze man, althans dat neem ik aan want ze waren samen, was een vrouw uit het voormalige Joegoslavië. Waarschijnlijk fotografe van beroep, of anders een serieus amateur want ze was nu ook omhangen met fotoapparatuur. Ze vertelde dat ze destijds een fotoreportage had gemaakt tijdens de oorlog in Joegoslavië. Ze liep al enige tijd met het idee om de reportage te schenken en vroeg zich af of het museum er belangstelling voor had. Onnodig te zeggen dat we haar meteen hebben omarmd (figuurlijk).
Nog een verwachtingsvolle toezegging kwam van een mevrouw die door een erfenis in het bezit was gekomen van twee grammofoonplaatjes, waar een oud- koreastrijder berichten op had ingesproken naar huis. Een plaatje van vinyl en een van hout had ze het over, maar dat zal misschien schellak en bakeliet zijn. Een geweldig ego-document natuurlijk want ze kan ook vertellen wie de persoon achter de documenten is. Misschien heeft ze zelfs wel een foto van hem.
DE vraag van de dag was ongetwijfeld: "Jullie gaan toch weg uit Delft, hoe zit het daarmee?", of varianten daarop, zoals: valt er nog iets te zien in Delft, is het al dicht, wanneer gaat het nieuwe museum open, gaat dat nog door, enzovoort. Het zal nog moeilijk gaan worden om de mensen duidelijk te maken dat ze voorlopig nog wel naar Delft kunnen komen.
Het was al met al een mooie dag, wel slopend, en aan het eind voelde ik mezelf een beetje een veteraan. Zonder mezelf te willen meten met de mensen die echt strijd gezien hebben natuurlijk.

Aris de Bruijn
The Legermuseum Archives

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen